Vandaag bracht ik een bezoekje aan een speciaal hart. Ik klopte voorzichtig aan. Het hart deed niet open. Het leek alsof er innerlijk niemand thuis was. Dan kan er natuurlijk ook geen liefdevolle connectie zijn…
Als een trouwe soldaat ging ik op wacht staan aan de deur van het hart. En regelmatig klopte ik even aan… zonder succes. Zo ging het een hele tijd door, terwijl ik mijn post niet verliet. Want diep van binnen wist ik zeker dat het hart weer open zou doen. Het hart doet open als er oprecht geluisterd wordt zonder oordeel. Als iemand bezorgd is en daardoor ook zorgzaam met het hart om gaat, waardoor het zich geborgen gaat voelen. Ook als er mee gesupporterd wordt van aan de zijlijn… en dit alles vanuit een authentiek zijn. Dat zijn eigenlijk de belangrijkste ingrediënten om het hart open te laten doen. En die cocktail serveerde ik meermaals… Ik klopte nog eens even aan… en het deurtje tot de hartkamer werd zachtjes en voorzichtig geopend…

“Wat ben ik blij je weer te zien”, zeg ik opgetogen. Het hart ziet er wat moe uit… We gaan samen naar binnen. Ik zet me in de zetel. Het is de zetel van het hart. Maar als ik langs kom, staat het hart er op dat ik me daar zet… Samen zijn we een tijdje stil. Ik weet niet goed wat zeggen, en het hart laat de stilte toe. Daarin is het altijd goed geweest, denk ik bij mezelf. En ik ratel soms zo hard door… dat ik niet meer weet hoe stilte voelt. Nu ik hier stil in de stoel zit… de stoel van het hart… ga ik van onwennig naar veilig en geborgen. Wat een heerlijk gevoel.
“Weet je wat ik soms zo mis?” vroeg het hart met een serieuze blik. “Het maken van mini vreugdesprongetjes. Vrolijke vreugdespringende voetjes, waarbij die kleine oogjes plots groot mogen worden. En dat die ogen zo hard mogen fonkelen… zoals de volle maan bij heldere hemel… Kwetsbaar mogen zijn en tranen mogen laten wanneer ik dat wil. Zonder nadenken gewoon vol mezelf mogen zijn. Fonkelen ten top!” Terwijl het hart vertelt, zie ik het open bloeien, zacht worden en stralen… Dan wordt het hart weer stil, en zie ik plots een traan rollen… “Wat maakt je zo verdrietig?” vraag ik het hart.
“Soms lijkt het alsof ik mezelf die vreugdesprongetjes of fonkelingen ontneem…”. Ik zie het hart denken en de logica wordt binnenin duidelijk: dat merk je aan de blik die alle kanten op gaat, en een hart dat plots heel vastberaden gaat praten. “Met een gesloten deur, zijn er geen fonkelingen… die zijn er enkel als de deur open mag. Maar als de deur open mag en er fonkelingen zijn… kan het ook zijn dat de fonkelingen, om welke reden ook, weer even moeten verdwijnen. Het lijkt alsof ik alleen maar kan kiezen voor pijn. OF ik kies voor een gesloten deur: dan heb ik te leven met de pijn van geen fonkelingen. OF ik kies voor een open deur: dan kan ik genieten van fonkelingen! Maar dan heb ik ook te leven met de pijn van het moeten verdwijnen van die fonkelingen”, zegt het hart verscheurd.
“Eerlijk gezegd, denk ik dat ik de fonkelingen niet verdien”, snikt het hart. “Want als ik de deur open doe, dan kan ik mezelf pijn doen en die fonkelingen kwijt geraken. Oh en dat doet echt pijn! Maar het ergste is, dat ik ook anderen pijn kan doen! Anderen die plots geen toegang meer kunnen hebben tot de fonkelingen. En dat doet me nog het meeste pijn”, volgt er snikkend. “Mezelf pijn doen, daar kan ik mee leven. Maar anderen pijn doen… dat is een brug te ver. Dat doet een pijn die ik niet wil voelen… dus misschien moet ik mijn deurtje maar toe houden en fonkel ik maar beter niet…” zegt het hart terwijl de tranen vol over de wangen rollen. Het hart gelooft zichzelf echt, denk ik verontwaardigd…
Ik steek krachtig van wal: “Waarom zou je jezelf geen fonkelingen gunnen? Je kan maar in het licht stappen vanuit het donker! Laat het dan af en toe maar donker worden, zodat je helemaal in het licht kan gaan staan. Je wentelt je zo graag in dat licht met die fonkelingen… Daarnaast genieten anderen ook zo van jouw vreugdesprongetjes en fonkelingen”. Ik klink belerend, maar het kan me niet schelen en zet mijn pleidoor verder: “Het is je cadeautje aan de wereld, lieve Hart, dat jij jezelf helemaal mag zijn. Dat is iets dat je jezelf en de anderen niet mag ontnemen. Het is net dat wat van jou die mooie jou maakt”… ik voel me emotioneel worden als ik de woorden uitspreek…
Het hart wil het wel geloven… al zal dat wat tijd kosten, merk ik. Daarnaast zie ik in de ogen dat het hart niet weet hoe het dit dan best doet. Het hart weet niet hoe het moet omgaan met de eigen pijn… wegstoppen zoals het altijd al deed, lijkt geen mogelijkheid meer. En hoe het met de pijn berokkend aan anderen, moet omgaan, is nog een groter vraagteken. Goed willen doen… wat is goed of verkeerd doen eigenlijk? Pas als je met opzet iets doet om verkeerd te doen… dan is dat verkeerd. Maar wie doet nu zoiets? Dus… ga ik er graag vanuit dat iedereen doet om goed te doen, ook al komt het al eens anders binnen… Zo zit ik toch in elkaar!
Dan vraagt het hart met een trilling in de stem “Mag ik je iets vragen, alsjeblieft?”. Het hart wacht dan steeds echt op een antwoord, ook al zeg ik altijd “natuurlijk!”. “Mag ik je vragen om steeds weer aan te komen kloppen, alsjeblieft? Zodat mijn deurtje niet vastroest en wat vaker open kan? Dan kunnen we samen genieten van de fonkelingen… En het donker… kan je me helpen om daar mee om te leren gaan, alsjeblieft? Daar durf ik niet alleen in en heb ik echt schrik van!” zegt het hart met bange oogjes. Dat beloof ik oprecht! Samen kunnen we dat… fonkelen én donker trotseren!
En wat ik stiekem weet, is dat het hart het vertrouwen mag hebben en ook alleen het donker aan kan… Dat zal het zeker nog leren. En in tussentijd zal ik zonder oordeel luisteren naar de angst. Zorgzaam aanwezig zijn. Supporteren van aan de zijlijn. Vanuit een authentiek zijn… Ik heb er alvast vertrouwen in dat het hart wel weer zal open doen… Nu alleen het hart nog…
PS: You are damned if you do… you are damned if you don’t… Kies dan maar voor de pijn die het meest genezend is… zei iemand me ooit eens. Die voel ik nu…

🎶 You say 🎶 van Lauren Daigle